1.4828 / RVS 309 / X15CrNiSi20-12

Hittebestendig roestvast staal tot circa 1.000 graden, de kostenbewuste keuze onder 1.4841: op maat gesneden, gezet en gelast in Soest

Hittebestendige roestvast stalen plaat 1.4828 (RVS 309, X15CrNiSi20-12) met walshuid, warmtegloed en een scherpe snijkant op de voorgrond

1.4828 (X15CrNiSi20-12) is hittebestendig austenitisch roestvast staal met 19 tot 21 procent chroom, 11 tot 13 procent nikkel en 1,5 tot 2,5 procent silicium. Het silicium zorgt voor een hechte oxidehuid waardoor de soort het in lucht tot circa 1.000 graden uithoudt. Dat is een stuk lager dan de 1.150 graden van 1.4841, maar met ruwweg de helft minder nikkel is 1.4828 ook aanzienlijk goedkoper. Blijft uw toepassing onder de duizend graden, dan is dit de soort die het werk aankan zonder dat u voor kop betaalt die u niet gebruikt. Let op: 1.4828 als plaat is iets anders dan 309 of 309L als lasdraad. Van Hengstum Metaal snijdt, zet en last 1.4828 volledig in-house in Soest.

MateriaaleigenschappenEN 10095, aanduiding X15CrNiSi20-12, Amerikaans ongeveer AISI 309
Werkstofnummer1.4828
EN-aanduidingX15CrNiSi20-12
AISIongeveer AISI 309
NormEN 10095
Chroom (Cr)19,0 tot 21,0 %
Nikkel (Ni)11,0 tot 13,0 %
Silicium (Si)1,5 tot 2,5 %
Koolstof (C)max. 0,20 %
Treksterkte (Rm)550 tot 750 MPa
Rekgrens (Rp0,2)min. 230 MPa
Rek bij breuk (A)min. 30 %
Verschilfingstemperatuur in luchtcirca 1.000 °C
Dichtheid7,9 g/cm³
Warmtegeleiding bij 20 °Ccirca 15 W/m·K
Uitzettingscoefficient 20 tot 900 °Ccirca 17 µm/m·K
MagnetischNee, austenitisch
Wij bewerken 1.4828 / RVS 309 / X15CrNiSi20-12 met:LasersnijdenZetwerkVerspanenLassen

1.4828 in het kort: hittevast tot circa 1.000 graden

1.4828 is de instapkwaliteit onder de hittebestendige roestvaste staalsoorten. De legering heeft 19 tot 21 procent chroom, 11 tot 13 procent nikkel en 1,5 tot 2,5 procent silicium. Dat siliciumgehalte is het werkzame bestanddeel: samen met chroom vormt het een oxidehuid die bij hoge temperatuur blijft zitten in plaats van af te schilferen. Daarmee komt de soort in lucht tot circa 1.000 graden, tegenover circa 870 graden voor gewoon 1.4301 (RVS 304).

Waar het ophoudt is net zo belangrijk als waar het goed voor is. Boven de duizend graden gaat de huid alsnog schilferen en verliest u wanddikte, en dan is 1.4841 met 24 tot 26 procent chroom en 19 tot 22 procent nikkel de volgende stap. Bij sterk wisselende temperaturen ligt de praktische grens van 1.4828 lager dan bij constant bedrijf, omdat de oxidehuid bij elke cyclus scheurt en zich opnieuw moet opbouwen, en dat kost elke keer wat materiaal.

Voor de mechanische kant geldt hetzelfde beeld als bij alle hittevaste austenieten: een treksterkte van 550 tot 750 MPa en een rekgrens van minimaal 230 MPa zeggen iets over kamertemperatuur, niet over bedrijfstemperatuur. Bij 800 graden is daar nog maar een fractie van over. Hoe u die grenzen uit elkaar houdt, staat uitgelegd op de pagina over 1.4841.

Chemische samenstelling van 1.4828

  • Chroom (Cr): 19,0 tot 21,0 %
  • Nikkel (Ni): 11,0 tot 13,0 %
  • Silicium (Si): 1,5 tot 2,5 %
  • Koolstof (C): max. 0,20 %
  • Mangaan (Mn): max. 2,0 %
  • Fosfor (P): max. 0,045 %
  • Zwavel (S): max. 0,015 %
  • IJzer (Fe): rest

Waarom u 1.4828 zou kiezen boven 1.4841

Om precies een reden: nikkel. Met 11 tot 13 procent zit er ruwweg de helft in van de 19 tot 22 procent in 1.4841, en nikkel is het duurste element in de legering. Voor een ovenwand die op 900 graden draait, betaalt u bij 1.4841 dus voor tweehonderd graden kop die u nooit gebruikt. Zolang uw temperatuur betrouwbaar onder de duizend graden blijft en de belasting laag is, is 1.4828 de verstandige keuze.

Omgekeerd zijn er twee situaties waarin het lagere nikkelgehalte juist een voordeel is. In een reducerende atmosfeer met zwavel vormt nikkel laagsmeltende sulfiden, en dan doet een nikkelarmere soort het beter dan een nikkelrijke. En bij onderdelen die vaak thermisch cyclen scheelt de iets lagere uitzetting bij dezelfde temperatuur in de spanningen die u opbouwt.

1.4828 / RVS 309 / X15CrNiSi20-12 op maat laten bewerken?

Stuur uw tekening of vraag en u ontvangt snel een scherpe offerte, inclusief onze gratis maakbaarheidscontrole.

Let op: 1.4828 plaat en 309 lasdraad zijn twee verschillende dingen

Zoekt iemand op “RVS 309”, dan gaat het in de meeste gevallen niet om plaatmateriaal maar om lasdraad. Dat is geen toeval en het is de moeite waard om het verschil scherp te hebben, want de verwarring leidt geregeld tot een verkeerde bestelling.

309 en 309L als toevoegmateriaal zijn het standaardantwoord op een heel specifiek probleem: het lassen van roestvast staal aan gewoon constructiestaal. Bij zo’n verbinding mengt het RVS zich met het koolstofstaal en verdunt het legeringsgehalte in de las zo ver dat er brosse martensiet kan ontstaan. Een 309-type toevoegmateriaal is bewust overgelegeerd, zodat de las na die verdunning nog steeds austenitisch en taai is. Om diezelfde reden wordt 309L ook gebruikt als bufferlaag onder een opgelaste slijtvaste laag. Wilt u S355 aan RVS 304 verbinden, dan is dat de draad waar uw lasser naar grijpt.

1.4828 als plaat heeft daar niets mee te maken. Dat is een hittebestendig basismateriaal waar u onderdelen uit maakt. Het wordt zelf gelast met een passend toevoegmateriaal, doorgaans een 22 12 type zoals 1.4829, niet met willekeurige 309-draad.

Praktisch: geef bij uw aanvraag altijd door of u plaat of toevoegmateriaal zoekt, en zo mogelijk het werkstofnummer erbij. Wij leveren het plaatwerk en de bewerking; voor een verbinding tussen RVS en constructiestaal denken we in het lastraject mee over de juiste draadkeuze.

Is 1.4828 hetzelfde als 309S of 1.4833?

Nee, en dit is de tweede verwisseling die geregeld voorkomt. AISI 309S is de laagkoolstofvariant, in Europa 1.4833 (X12CrNi23-13), met maximaal 0,15 procent koolstof en zonder het verhoogde silicium. Die wordt gekozen wanneer er veel gelast wordt en corrosiebestendigheid na het lassen nog meetelt. 1.4828 heeft juist meer koolstof en meer silicium, wat beter is voor hittevastheid maar ongunstiger voor carbidevorming in de lasnaad. Is dat laatste voor u belangrijk, kijk dan naar 1.4845 (310S), de soort van dit trio die daar het beste op scoort.

Gratis controle
& advies

In-house glasparelen, poedercoaten en stralen.

Alle metaalsoorten beschikbaar

1.4828 laten snijden, zetten en lassen

1.4828 laat zich bewerken als een gelegeerde austeniet: goed, mits u er rekening mee houdt dat het niets van constructiestaal weg heeft.

Snijden en verspanen

Wij lasersnijden roestvast staal tot en met 30 millimeter met stikstof, zodat de snede blank en oxidevrij blijft. Verspanen vraagt scherpe, stabiele gereedschappen en een lage snijsnelheid met een royale voeding: de soort verstevigt onder de snede, en wie te licht aansnijdt, maakt het oppervlak alleen maar harder. Bij frezen en draaien is doorlopend snijden belangrijker dan snel snijden.

Zetwerk en minimale radius

Reken bij het zetten op meer perskracht en meer terugvering dan bij staal van dezelfde dikte, en houd een minimale binnenradius aan van ongeveer anderhalf maal de plaatdikte. Zet bij voorkeur haaks op de walsrichting. Gaat het onderdeel na het zetten langdurig op temperatuur, meld dat dan, want koud vervormd materiaal reageert anders op langdurige warmte dan gegloeid materiaal.

Laspraktijk bij 1.4828

Niet voorverwarmen. Austenitisch roestvast staal heeft dat niet nodig en heeft er baat bij dat de warmte er snel uit gaat. Houd de tussenlaagtemperatuur laag, gebruik een passend toevoegmateriaal van het 22 12 type en bescherm de wortel met formeergas. Door het relatief hoge koolstofgehalte van maximaal 0,20 procent is 1.4828 gevoeliger voor chroomcarbidevorming in de warmte-beinvloede zone dan een laagkoolstofsoort; bij veel lasnaden op een onderdeel is dat een reden om de keuze nog eens tegen 1.4845 af te wegen. Al ons laswerk in roestvast staal gebeurt in-house.

Waar wij 1.4828 het meest voor snijden

  • Ovengereedschap, gloeikorven en bakken voor warmtebehandeling
  • Bekledingsplaten en keerschotten in verbrandings- en droogovens
  • Brandergeleiders, vlamplaten en hittestralers onder de duizend graden
  • Rookgas- en heteluchtkanalen
  • Steunconstructies en ophangingen binnen ovens, mits laag belast

Uw onderdeel in 1.4828 laten maken

Stuur uw tekening als DXF, STEP of PDF mee met uw offerteaanvraag en geef er drie dingen bij: de bedrijfstemperatuur, of het onderdeel belast is, en of de atmosfeer schoon is of zwavel bevat. Met die informatie beoordelen wij of 1.4828 volstaat of dat u naar 1.4841 of 1.4845 moet, voordat er materiaal wordt besteld.

Veelgestelde vragen over 1.4828 / RVS 309 / X15CrNiSi20-12

Is RVS 309 lasdraad hetzelfde als 1.4828 plaat?

Nee. 309 en 309L als toevoegmateriaal zijn bewust overgelegeerde lasdraden die gebruikt worden om roestvast staal aan gewoon constructiestaal te lassen, en als bufferlaag onder een opgelaste slijtvaste laag. 1.4828 is een hittebestendig plaatmateriaal waar u onderdelen uit maakt, en dat zelf met een 22 12 toevoegmateriaal gelast wordt. De namen lijken op elkaar omdat beide rond de 309-aanduiding hangen, maar het zijn verschillende producten met een verschillend doel. Geef bij uw aanvraag dus door of u plaat of draad zoekt.
In lucht ligt de verschilfingstemperatuur rond 1.000 graden. Daarboven schilfert de oxidehuid af en verliest u wanddikte. Bij constant bedrijf haalt u die duizend graden; bij sterk wisselende temperaturen ligt de praktische grens lager, omdat de huid bij elke cyclus scheurt en zich opnieuw moet opbouwen. Let op dat dit getal niets zegt over sterkte: voor een dragend onderdeel gaat kruip vanaf circa 550 tot 600 graden het ontwerp bepalen. Moet u boven de duizend graden, dan is 1.4841 de volgende stap.
Zodra uw bedrijfstemperatuur structureel boven de duizend graden komt, of wanneer de atmosfeer sterk carbureert. 1.4841 heeft 24 tot 26 procent chroom en 19 tot 22 procent nikkel tegenover 19 tot 21 en 11 tot 13 bij 1.4828, en komt daarmee tot circa 1.150 graden. Die extra kop kost wel geld: nikkel is het duurste element in de legering en er zit ruwweg twee keer zoveel in. Blijft u onder de duizend graden, dan betaalt u bij 1.4841 voor marge die u niet gebruikt.
Nee. 1.4828 is austenitisch en laat zich niet harden door een warmtebehandeling, hoe het ook wordt afgekoeld. Oplosgloeien rond 1.050 tot 1.100 graden met snelle afkoeling is wel gebruikelijk, maar dat is precies het omgekeerde van harden: het lost uitgescheiden carbiden weer op en maakt het materiaal juist zachter en taaier. Wel wordt 1.4828 harder door koud vervormen, en dat effect is bij deze soort behoorlijk sterk. Dat is een van de redenen om bij het zetten een ruime binnenradius aan te houden.
1.4833 (X12CrNi23-13, AISI 309S) heeft minder koolstof en niet het verhoogde silicium van 1.4828. Daardoor is het beter lasbaar en minder gevoelig voor chroomcarbidevorming in de warmte-beinvloede zone, maar haalt het een lagere verschilfingstemperatuur. Kort gezegd: 1.4828 is geoptimaliseerd voor hitte, 1.4833 voor lassen en corrosiebestendigheid na het lassen. Wij voeren 1.4828. Heeft uw tekening juist die laagkoolstofeigenschappen nodig, kijk dan naar 1.4845, dat op dat punt het beste scoort van de soorten die wij op voorraad hebben.
Beperkt. Met 19 tot 21 procent chroom is het formeel roestvast, maar het is niet ontworpen voor natte corrosie en het bevat geen molybdeen. In vochtige of chloriderijke omstandigheden presteert het duidelijk minder dan 1.4401 (RVS 316). Daar komt bij dat het relatief hoge koolstofgehalte na lassen of na langdurig verblijf tussen 425 en 850 graden chroomcarbiden op de korrelgrenzen kan vormen, wat de corrosiebestendigheid juist op die plek verlaagt. Kies 1.4828 dus om zijn hittevastheid, niet om zijn roestvastheid.
Reken met een dichtheid van 7,9 g/cm3, oftewel 7.900 kilogram per kubieke meter. Praktisch betekent dat 7,9 kilogram per vierkante meter per millimeter plaatdikte. Een plaat van 2.000 bij 1.000 millimeter en 5 millimeter dik weegt dus ongeveer 79 kilogram. Let op dat dit iets afwijkt van constructiestaal, waar met 7,85 wordt gerekend, en van RVS 316, dat met 8,0 net iets zwaarder is. Voor een offerte hoeft u het gewicht niet zelf uit te rekenen, dat doen wij op basis van uw tekening.
Beter dan de nikkelrijkere soorten, maar het blijft opletten. In een reducerende atmosfeer met zwavel vormt nikkel laagsmeltende sulfiden op de korrelgrenzen, en met 11 tot 13 procent nikkel is 1.4828 daar minder gevoelig voor dan 1.4841 of 1.4845 met 19 tot 22 procent. Is de atmosfeer oxiderend, dan speelt dit nauwelijks. Weet u dat er zwavel in het proces zit, geef dan door of de atmosfeer oxiderend of reducerend is, want dat bepaalt of hittevast RVS uberhaupt de juiste materiaalfamilie is.
Een toevoegmateriaal dat bij de legering past, doorgaans een 22 12 type zoals 1.4829. Voorverwarmen doet u niet: austenitisch roestvast staal heeft dat niet nodig en het werkt averechts. Houd de tussenlaagtemperatuur laag, bij voorkeur onder 150 graden, en bescherm de wortel met formeergas, want een geoxideerde wortel verliest juist daar zijn hittevastheid. Door het koolstofgehalte van maximaal 0,20 procent is de warmte-beinvloede zone gevoeliger voor carbidevorming dan bij een laagkoolstofsoort. Bij veel lasnaden op een onderdeel loont het om 1.4845 te overwegen.
Ja, ook bij enkelstuks. Wij snijden roestvast staal tot en met 30 millimeter en doen het zetten, lassen en nabewerken in-house in Soest, dus een onderdeel hoeft niet langs drie partijen. Stuur uw tekening als DXF, STEP of PDF mee met de aanvraag en geef de bedrijfstemperatuur, de belasting en de atmosfeer door. Wij controleren dan eerst of 1.4828 de juiste soort is voordat er materiaal besteld wordt, zodat u niet achteraf ontdekt dat u een kwaliteit hoger of lager had moeten zitten.